vrijdag 4 juni 2021 20:00

Programma

Severin von Eckardstein (piano), Quirine Viersen (cello), Aldo Baerten (fluit) - Haydn, Chopin, Weber

Joseph Haydn (1732-1809)

Trio voor fluit, piano en cello in G, Hob. XV, nr. 15

Quirine Viersen (Cello)

Aldo Baerten (fluit)

Severin von Eckardstein (Piano)

  • I. Allegro
  • II. Andante
  • III. Allegro moderato

Van de 45 pianotrio's die Haydn schreef zijn er maar twee voor de combinatie van fluit, cello en piano. Veel wat Haydns muziek uniek maakt, hoor je erin terug. Haydn trio klinkt vrolijk, fris, geestig en verrassend.

null Gabriel Pierné (1863-1937)

Sonata da camera, op. 48

Quirine Viersen (Cello)

Aldo Baerten (flute)

Severin von Eckardstein (Piano)

  • I. Prélude
  • II. Sarabande
  • III. Finale

De titel 'Sonata da camera' (een sonate om in de huiskamer te spelen) kom je vooral tegen in de barok. En inderdaad, de deeltjes getiteld als 'Prelude' en 'Sarabande' wijzen in de richting van de barok. De muziek is daarentegen is impressionistisch en klinkt licht en luchtig.

Frédéric Chopin (1810-1849)

Ballade nr. 2 in F, op. 38

Severin von Eckardstein (Piano)

    Chopin schreef in totaal vier ballades waarvan Severin von Eckardstein de Tweede Ballade speelt. In de middeleeuwen waren ballades verhalende en fantasierijke liederen gezongen door de minstreel. Natuurlijk wordt in Chopins Tweede Ballade niet gezongen, maar het stuk klinkt wel als een spannend verhaal met een poëtisch begin en een heftiger middendeel.

    Heitor Villa-Lobos (1887-1959)

    Assobio a Játo

    Quirine Vierssen (Cello)

    Aldo Baerten (fluit)

      Assobio a Játo (de titel betekent zoveel als 'De straaljagerfluit') voor fluit en cello is een goed voorbeeld van de exotische componeerstijl van Villa-Lobos. Zijn keuze voor fluit en cello biedt een maximum aan contrast tussen hoog en laag, metaal en hout, lucht en draad, adem en strijkstok. Een bijzonder effect klinkt tegen het eind van het stuk, wanneer de fluitist adem door de fluit blaast zonder klank te maken; inderdaad het geluid van een overvliegende straaljager.

      null Carl Maria von Weber (1786-1826)

      Trio voor fluit, piano en cello in g, op. 63

      Quirine Viersen (Cello)

      Aldo Baerten (fluit)

      Severin von Eckardstein (Piano)

      • I. Allegro moderato
      • II. Scherzo. Allegro vivace
      • III. Schäfers Klage. Andante espressivo
      • IV. Finale. Allegro

      Carl Maria von Weber is vooral bekend van zijn opera's als Oberon en Die Freischütz. Webers kamermuziek daarentegen is nog een goed bewaard geheim, zoals dit sfeervolle Trio, op. 63. Vooral het langzame derde deel 'De klaagzang van de herder' spreekt tot de verbeelding. De muziek roept het beeld op van een eenzame herder, die een zangerige ballade op zijn fluit speelt.